Surf professionalisering en ict – Amersfoort, 25 mei 2004

Vanwege mijn staffunctie ict doe ik mee aan het surfcongres over professionalisering en ict in het hoger onderwijs.

Meer opa’s rezien

Om 7:38 vertrek ik per trein uit Bedum en juist voor aanvang om 10 uur loop ik de Eenhoorn binnen, het gebouw in Amersfoort, direct tegenover het station, waar het congres plaatsvindt. Ik heb zelfs nog tijd heb voor een kopje koffie voor de eerste keynote begint.

Frank Lekanne Deprez heeft het over leren door te vergeten en dat leren gevaarlijk is. Hij begint met een interessant lijstje cijfers dat ik nog wel kan gebruiken voor mijn ouderdaglezing over het webplatform.

Na een korte pauze volgt de eerste parallelle sessie. ik kies voor “vraaggestuurde professionalisering van senior docenten aan de UU.” Onderwijskundige Ramaekers vindt dat een slecht onderwijsgevende onderzoeker van de universiteit zou moeten verdwijnen. Aan de UU is een leergang voor senior docenten gerealiseerd die gedurende een dag in de week over ruim een jaar vraaggestuurd wordt bijgeschoold. Belangrijkste conclusie lijkt groepjes gelijkgestemden te krijgen die ervaringen kunnen uitwisselen. Bij farmacie aan de UU is maar liefst 17 fte en veel geld extra gestoken in de curriculum herziening.

De tweede sessie vindt blijkbaar in een andere zaal plaats waardoor ik terechtkom bij “onderwijs en ict beleid” (icto). De sprekers vertellen hoe zo’n beleid is op te zetten: iets wat je in elk boek over dit onderwerp wel kunt terugvinden. Niettemin kan ik hiervan misschien nog wel iets gebruiken voor het eindrapport van ict/coo.

De lunch is goed. ik tref Rob Slagter die mij meldt voor zichzelf te willen beginnen (als adviseur in NIOT-zaken (NIOT = Nestor Individueel Onderwijsondersteunings Traject)).

De keynote na de lunch is Annette Roeters van Windesheim, die als belangrijkste boodschap meegeeft dat je veel kunt bereiken als je de professionalisering aanpakt via persoonlijke inbreng en interesses. Ze illustreert haar verhaal met videobeelden van interviews van medewerkers.

Tijdens de derde parallelle sessie vclg lk de lezing van Wim de Boer die een interessant verhaal houdt over flexibiliteit. Hij meldt dat ict in het onderwijs zowel ondersteuning als visie nodig heeft. Ondersteuning specifiek op onderwijs gericht, dus niet alleen de algemene ict-support.

Hij noemt een aantal trends:

  • veranderingen zijn langzaam, niet radicaal (want het doel is ook niet altijd duidelijk).
  • ict in doceren en leren: part of a blend (mix van oud en nieuwe dingen: zo zijn colleges nog steeds dominant in het onderwijs aanwezig).
  • docenten moeten meer doen zonder extra middelen (er is door ic vaak meer flexibiliteit, maar docenten zijn ook meer tijd kwijt).

Flexibiliteit is nodig als nieuwe focus: studenten kunnen keuze in het leerproces maken: groeps- vs. individueel leren; student plant zelf de route door het curriculum.

Hij laat een matrix zien:

campusvia netwerkconnectie
instelling beslistback to basics global campus
lerende beslist stretching the mold the new economy

Meeste instellingen zitten nog in back to basics. De OU zit in de global campus. Streven lijkt erop gericht te gaan naar “stretching the mold”. Hiervoor is duidelijkheid naar docenten toe en goede ict-tools een essentie.

Tot slot noemt Wim het zg. 4E model:

  • Educational effectiveness – duidelijk model voorleggen aan docenten, hoe goed is de ondersteuning
  • ease of use – CMS eenvoudig te gebruiken
  • engagement – docent is bereid te veranderen
  • environment – doel, behoefte. Deze bepaalt of er sprake is van succes en ook de omgeving moet voor de docent duidelijk zijn.

Te ondernemen stappen zijn:

  • start waar je bent
  • bepaal de richting (scenario, flexibele dimensies, pedagogisch plan, …)
  • bepaal de ict ondersteuning
  • bepaal hoe ondersteuningsapparaat zal functioneren
  • bepaal hoe docenten extern gemotiveerd blijven (d.i. wat doet de omgeving eraan)

Tot slot verwijst hij naar zijn website: users.edte.utwente.nl/boerwf/

De laatste keynote is Sylvia van der Bunt die haar verhaal compleet voorleest, vergezeld van 4 slides met de hoofdstuktitels. Ze vergelijkt het huidige muziekaanbod (alleen gangbare en veelverkochte muziek; de rest is voor de muziekmaatschappijen niet interessant) met het kennisaanbod via zoekmachines op internet. ook daar komt alleen een door het zoekalgoritme gevonden deel en wat gesponsord is, door het filter.

Na de afsluiting kan ik nog juist de trein halen van 16:38. Deze zit echter bomvol zodat ik in Zwolle uitstap en een hapje eet en een uur later een veel rustiger trein richting Groningen neem. Rond acht uur ben ik weer thuis.