STATUS initialisatiemeeting Brussel, 1-2 augustus 2001
Het Esprit-project STATUS, waarin Jan Bosch participeert, heeft een eerste bijeenkomst in Brussel op 2 augustus in de middag. ’s Morgens eraan voorafgaand is er een consortiummeeting. Aangezien Jan niet kan (juist terug van vakantie, gast op bezoek en nog jarig ook) ga ik in zijn plaats.
Woensdag 1 augustus 2001.
De reis begint op woensdagmiddag om 14:40 uur als ik in de trein stap voor mijn reis naar Brussel. Voor het eerst neem ik mijn laptop mee en in de trein kan ik nu mooi mijn praatje voor ALAPEDES in Praag over twee weken voorbereiden (en eveneens voor het eerst een reisverslag als deze direct op de laptop intikken).
Al werkende op de laptop gaat de reis veel sneller. Om kwart over acht sta ik in Brussel op het centraal station. Een kwartiertje later (bestudering van de kaart vooraf helpt echt) sta ik bij de receptie van hotel Mozart aan de Kaasmarkt. Het hotel is over een groot aantal panden verspreid. Op de begane grond van die panden bevinden zich allerlei restaurants (ik zit juist boven een pizzeria). Via allerlei trappen en een binnenplaats kom ik op mijn kamer. Er zijn geen andere uitgangen dan die trap en het plakaat op de deur geeft dan ook aan dat bij brand en versperde weg je je naar het raam moet begeven en om hulp moet schreeuwen. De kamer is verder klein en (mede vanwege het warme weer) benauwd. Ik bel even met Lenie en zoek dan in het centrum naar een geldautomaat voor wat contante Belgische franken. Dat is nog even zoeken: je verwacht in het centrum van Brussel meer automaten, maar uiteindelijk vind ik er een en daar staat dan ook een hele wachtrij.
Terug op de kamer bereid ik de bijeenkomsten van morgen vast wat voor en t k dit verslag in. Van slapen komt echter niet zoveel: de café’s en disco’s in de straat zijn tot laat open (ook hun deuren) zodat ik tot een uur of drie ’s nachts probeer te slapen met discomuziek.
Donderdag 2 augustus 2001.
Niet helemaal volledig uitgerust nuttig ik het enorme ontbijt van een hard broodje, een croissantje en een gekookt ei. Er is wel ruim thee en een glas jus d’orange. Vervolgens loop ik wat door de stad: typisch Belgisch met veel rommel, veel afzettingen vanwege verbouwingen, veel zwervers, … Ik heb niet de neiging Brussel als toerist te gaan verkennen.
Via centraal station ga ik per metro naar hotel Bristol en wacht daar op de andere deelnemers aan de consortiummeeting. Allereerst kom ik Alberto Andres (IHG) tegen: hij herkent mij aan mijn laptop. Later voegen ook Natalia Juristo en Ana Maria Moreno (UPM) zich bij ons. Nikolaos Bogonikolos van LogicDIS blijkt uiteindelijk verhinderd wegens persoonlijke omstandigheden. We bespreken de mogelijke agenda van de middagbijeenkomst met de EU-afgevaardigde Vassilis Kopanas. Alberto heeft nog een tweetal faxen meegenomen: eentje betreft de audit-regeling (cost statements dienen vergezeld te gaan van een soort accountance-verklaring; deze regeling blijkt alleen op te gaan als in een jaar meer dan 250.000 euro wordt vergoed). De tweede fax betreft de lijst met opmerkingen en beoordelingen naar aanleiding van het voorstel. Het gaat om de volgende zaken:
- Scientific/technological quality and innovation:
- Community added value and contribution of EC policies:
- Contribution to community social objectives
- Economic development and S\&T prospects
- Resources, partnership and management
Alle onderdelen worden met het cijfer 3 of 4 (van maximaal 5) beoordeeld en de eindbeoordeling is een 4.
Voorts bespreken we de verdere gang van zaken. We verwachten dat elk instituut zichzelf nogmaals moet voorstellen maar denken dat voor te zijn door een algemeen praatje te houden over de samenstelling van STATUS en de inbreng van elk van ons.
Uiteindelijk is het half twee en gaan we, zonder nog iets gegeten of gedronken te hebben, per taxi naar het EU-gebouw. Daar moeten we eerst nog een kwartiertje op Kopanas wachten en hebben daarna onze bijeenkomst zonder koffie, thee of andere versnapering!
Kopanas kent Jan Bosch goed (Jan is tenslotte ook EU-reviewer). Kopanas stelt eerst dat het project er goed uitziet, er financieel niets op aan te merken is, aanvullende gegevens over de industriele partners aangaande hun liquiditeit voldoende zijn, en eigenlijk op dat gebied alleen nog de legal VT numbers missen van de universiteiten, maar dat we die pas hoeven opsturen als er werkelijk om gevraagd wordt. Vervolgens meldt hij de volgende stappen: EU kent het project formeel toe en stuurt de formele zaken per email naar Alberto, die het moeten printen en naar elke partner moet sturen ter ondertekening. Nadat de EU alle handtekeningen terug heeft, tekenen zij en gaat in principe per eerstvolgende maand het contract in.
Wij willen een alternatieve start en na enige discussie (voornaamste argument is dat Groningen moeilijk aan mensen kan komen) wordt alvast voor 1 december dit jaar gekozen. Overigens meldt Kopanas dat alle kosten voor STATUS voorafgaand aan die begindatum niet bij de EU gedeclareerd kunnen worden.
Vervolgens stelt hij voor dat alle aanwezige instituten zich even introduceren. Alberto houdt een verhaal over IHG, ik over de RUG en Natalia voor UMP. Dan gaat hij in op de technische beschrijving (annex1) en passeren grote en minder grote opmerkingen de revue.
Natalia is in het algemeen onze woordvoerder, wat Kopanas de opmerking doet ontlokken dat zij beter coordinator had kunnen worden. Tot slot geeft Kopanas nogmaals aan dat het project er goed uitziet en meldt ons het audit-voornemen maar zegt er gelijk bij dat dit voor universiteiten wellicht helemaal niet geldig is.
Eindelijk even naar vijf uur kunnen we het pand weer verlaten. Ik neem afscheid van Alberto, Natalia en Ana en ga met de metro terug naar Brussel-centraal. Daar kan ik eindelijk mijn maag een beetje vullen, hoewel: veel keuze is er niet. Er is niet veel meer te krijgen dan een broodje hotdog of hamburger, of een broodje ham/kaas. Van een restaurant of iets wat daar op lijkt valt hier niets te bespeuren. Ik vul mijn maag met een zeer gezond broodje hamburger en neem de trein van 17:50 richting Amsterdam. Om twintig over acht ben ik op Schiphol. Volgens de reisplanner gaat de eerstvolgende trein richting Groningen over precies een uur en dat klopt, want als ik uitstap zie ik de huidige trein naar Groningen net wegrijden.
Het uurtje wachten besteed ik aan het eten van een lekker broodje. De rest van de reis voorloopt voorspoedig en bij aankomst in Groningen haalt de buurman (net zelf terug van vakantie) mij van het station.