Landelijke architectuur congres (LAC)- Amsterdam, 23 en 24 november 2000

Donderdag 23 november 2000.

Meer opa’s rezien

Ik vertrek om zes uur ’s morgens van huis en pik om kwart over zes Jilles van Gurp en Michiel Jaring op in de Steentilstraat in Groningen. Gedrieën reizen we af naar Amsterdam om deel te nemen aan het tweede landelijke architectuur congres, georganiseerd door Daan Rijsenbrij van de VU. De reis naar Amsterdam verloopt voorspoedig en nagenoeg zonder files: bij Almere staan we tien minuten stil en op de A10 rond Amsterdam blijft alles (langzaam) doorrijden. We zijn dan ook al om kwart over acht bij het Olympisch stadion, waar het LAC gehouden zal worden. De in de routebeschrijving genoemde P+R is nog gesloten. Achter het stadion is nog parkeergelegenheid voldoende. De prijzen daarvoor vallen voor Amsterdamse begrippen mee (drie gulden per uur, maximaal dertig gulden per dag).

We zijn vroeg, maar niet de eersten in de meeting plaza voor LAC2000. Het wachten tot de start om kwart voor tien kan gelukkig worden verzacht met koffie en koekjes. We ontvangen een badge en een voornamelijk met reclame van de sponsorbedrijven gevulde tas. Jan Bosch belt me nog mobiel: zijn reis uit Brussel is vertraagd en hij hoopt juist voor de lunch aanwezig te kunnen zijn.

Daan Rijsenbrij opent om kwart voor tien de meeting. Hij meldt o.a. als doelstellingen “meer awareness van architecture” en networking. Hij attenteert ons nog op het tijdschrift architecture en infrastructuur in onze tas, volgens hem het enige tijdschrift op dit terrein.

Daan spreekt van de ontnuchtiging van de technologie die is aangebroken en vergelijkt systeem architecture met de ouderwetse architectuur: stijl & inhoud & constructie ; effectiviteit & efficiencie & duurzaamheid ; bruikbaarheid & functionaliteit & onderhoudbaarheid.

Als stelling poneert hij dat de belangrijkste architectuur van de 21st eeuw de it-architectuur zal zijn. Tot slot wijst hij nog op de website www.architecture-forum.org

Dan spreekt Henk Obbink van Philips. Hij loopt langs de ontwikkelingen in Europa (van ARES via ESAPS naar CAFÉ) en in de USA (o.a.SEI/GSAW; IEEE (met architectuurwerkgroep, waar een standaard is gedefinieerd in IEEE std 1471-2000, door Henk ook aangeraden hier eens kennis van te nemen) en IFIP (TC2 over software theory en practice heeft vanaf 2000 een werkgroep software architecture). Als eerstvolgende belangrijke congres noemt hij WICSA 2001 in Amsterdam.

Na de pause spreekt Brian Burke (METAgroup) over enterprise architecture. Zijn belangrijkste standpunt is dat IT architectuur onlosmakelijk verbonden is met de rest van de businessactiviteiten, maar op dit moment kan de implementatie (in 3 tot 12 maanden) de veranderingen in de business nog niet goed bijbenen.

De lunch is een lopend buffet waar verschillende smakelijke broodjes genuttigd kunnen worden en er ruim tijd is om aan networking te doen. Tijdens de lunch ontmoet ik o.a. Mark Kas, tegenwoordig NWO-beleidsmedewerker, die ooit in Groningen aan logica gewerkt heeft.

Om twee uur vangt de middagsessie aan. Er zijn 4 workshops, namelijk over dynamiek, validatie, realisatie en de definitie van archituur. Mijn artikel is bij validatie ingedeeld en ik ga daar dus ook heen. De sessie wordt geleid door Erik Proper van Ordina. De bedoeling is, na een introductie, waarbij elke auteur ook een korte samenvatting van zijn artikel geeft alsmede een stellingname over validatie presenteert, een interactieve plenaire discussie te houden om daar aan het eind conclusies en next steps uit te kunnen formuleren. De meeste auteurs zijn hierover vooraf door Erik geïnformeerd en hebben twee á drie slides geproduceerd. O.a. ik ben, door emailproblemen, niet benaderd en houdt mijn samenvatting en stelling al improviserend. Ik vertel over de ideeën uit het artikel (belangrijk kwaliteitsaspect van architecturen is onderhoudbaarheid, o.a.\ te meten via een gekozen selectie change scenario’s en daaruit berekenen van te verwachten mankracht om deze met de gegeven architectuur te berekenen. Als stelling poneer ik dat een belangrijk kwaliteitsaspect van architecturen de mate van onderhoudbaarheid is.

Vragen uit de zaal betreffen vooral hoe vooraf te verwachten veranderingen te voorspellen zijn (en wat de horizon/levensduur van de architectuur is) en of toekomstige veranderingen niet al gelijk in de architectuur meegenomen kunnen worden.

Ook andere auteurs van artikelen in deze categorie komen aan bod, zoals Nico Lassing van de VU, die met ongeveer dezelfde samenvatting en stellingname als ik aan komt. Het betreffende artikel van hem is samen met o.a. PO Bengtsson en Jan Bosch geschreven en in feite een voorloper van mijn artikel.

Hierna volgt een levendige discussie, waarbij m.b.v. mindmanager de ingebrachte meningen in kaart worden gebracht. Uiteindelijk wordt, grotendeels door Jaap Schekkerman, nog een groot aantal “uitspraken” over validatie bij de aanwezigen losgetroggeld en worden afspraken gemaakt over de nabije toekomst (o.a. zal een website, mailinglist, discussiegroep e.d. worden opgezet).

Jaap heeft vervolgens als taak de zaal morgen in zo’n twintig minuten een samenvatting te presenteren.

Rond half vijf is het tijd voor een borrel (met lekkere hapjes). Tegen zes uur arriveren Michiel, Jilles en ik bij hotel Novotel waar we door Agnes netjes worden ingecheckt. We besluiten in het bij het hotel horende restaurant te eten (tamme eendenborst, best lekker). Daarna bel ik mobiel naar huis. Tegen negen uur arriveert ook Jan Bosch en ontmoeten we elkaar in de bar. Daar hebben we het nog even over de SE-groep in Groningen. Belangrijkste zorg van Jan op dit moment is dat er op korte termijn veel proposals de deur uitgaan waar we volgend jaar de nodige deliverables voor moeten leveren. Jan ziet daarbij het liefst zoveel mogelijk tegemoet te komen aan onze wensen en verzoekt ons nog voor de kerst aan te geven welke richtingen binnen de architectuur onze voorkeur hebben.

Rond half elf spreek ik nog even met Agnes en ga dan terug naar mijn hotelkamer. Morgen weer een dag.

Vrijdag 24 november 2000.

Het ontbijt in het hotel is prima. Bij het uitchecken wordt nog even de verkeerde prijs gehanteerd (275,– gulden in plaats van 150,–), maar dat wordt weer netjes gecorrigeerd en net voor half tien arriveren we weer per auto bij het olympisch stadion. De ochtendsprekers hebben het ovr de menselijke maat en it.

Jeroen van der Hoven (EUR) heeft het over de ethische aspecten van de automatisering en de verantwoordelijkheid van de it-architect. Hij noemt het feit dat it-tools vaak niet meer te testen verantwoordelijkheden aan de gebruiker oplegt (als het systeem iets meldt, zal het wel zo zijn en moet dat feit als feit worden aangenomen). Voordat de gebruiker zo’n tool gaat gebruiken moet hij dan ook in staat zijn die verantwoordelijkheden te toetsen. Tijdens het gebruik kan dit niet meer.

Jaap van Rees (van Rees advies) heeft het over de menselijke maat en beschouwd de it-architect als werkend in een derde dimensie, naast die van functie en constructie. Zijn belangrijkste boodschap is dat de (informatie-) architect de regisseur en hoofdrolspeler is in het beeldvormingsproces, dit proces organiseert en bewaakt en de resultaten vastlegt en in constructieve termen vertaald. Het architectuursprincipe valt onder de “welstandscommissie” en het constructeursprincipe onder de “bouwinspectie”.

Gerrit Muller (Philips) tenslotte spreekt over architecting user value. Zijn verhaal is grotendeels een herhaling van wat de vorige twee sprekers al melden. Hij verwijst nog naar de website www.it4humans.org

Als belangrijkste conclusie van deze ochtend kan gesteld worden dat er veel over architectuur en de rol van de mens daarin is gesproken met veel nadruk op de constatering dat de architectuur nu teveel richting ontwerp en te weinig richting de mens en de cultuur gaat.

Na de lunch is het dan tijd voor de samenvattingen van de discussiesessies van gisteren.

Erik Vermeulen (Origin) opent met een samenvatting van de definitiesessie en heeft eigenlijk als belangrijkste conclusie dat er nog steeds geen echte definitie is, maar dat we maar het beste van de IEEE standaard uit kunnen gaan.

Jaan Schekkerman (Cap Gemini) doet dan zijn samenvatting van de validatiesessie. Hij heeft zijn powerpointslides opgesierd met verschillende foto’s van de sessie gisteren en daarnaast ook veel materiaal van de auteurs in zijn presentatie meegenomen. De samenvatting is uitstekend geslaagd.

Na de theepause valt Jan de Baat (CMG) de realisatiesessie samen en doet Rob Kruijk (Compaq) hetzelfde voor de dynamieksessie, waarin over samenhang van bedrijfs- en it-architectuur wordt gesproken. Rob gaat vervolgens naadloos over in een oproep om volgend jaar ook de “klant” bij LAC2001 te betrekken, zodat juist de dynamiek duidelijker kan worden.

Dan is het tijd voor een borrel. Jan Bosch is, vanwege zijn verhuizing naar zijn nieuwe woning, al voor de lunch vertrokken. Student Zrour reist, samen met Michiel met mij mee terug en Jilles reist verder naar het zuiden om zijn ouders te bezoeken. Zo rond half acht ben ik weer in Bedum.

Conclusies.

LAC2000 heeft me in twee dagen tijd een redelijke indruk gegeven van wat er binnen de software architectuur allemaal speelt. Wel lag de nadruk erg op “enterprise”-architectuur en minder of software-architectuur. Ik ben echter nog niet in staat om duidelijk te maken welke deelgebied binnen de software-architectuur nu mijn voorkeur heeft. Wel zit ik inmiddels in de validatie-club.